<p>Pater Charles: "Heel veel mensen zijn op zoek naar hun roots. Daar kan de kerk een rol in spelen."</p>

Pater Charles: "Heel veel mensen zijn op zoek naar hun roots. Daar kan de kerk een rol in spelen."

(Foto:)

‘Het mag allemaal wel wat losser. In de kerk mag ook gelachen worden’

  •   keer gelezen

VEGHEL | Charles Eba’a is sinds juni de nieuwe pastor van de H. Franciscusparochie Meierijstad. De 49-jarige pater komt uit Kameroen, maar woont inmiddels alweer ruim vijftien jaar in Nederland.

Brazilië, België of Gabon. Het waren voor Charles de favoriete landen die hij had ingediend om op missie te gaan. “Brazilië voor het voetbal, België omdat daar ook Frans wordt gesproken, een taal die ik spreek, en Gabon omdat het een buurland van Kameroen is en ik relatief dicht bij huis zou zijn.”
Maar ‘Rome’ besliste anders voor de afgestudeerde Charles. Het werd Nederland. Rotterdam om precies te zijn waar hij aan het werk ging als pastoor. In 2015 werd hij benoemd in Heerenveen en sinds dit jaar is hij dus actief als pastor in Veghel. “Vroeger was je eerste benoeming voor zes jaar, maar daar is vanaf gestapt”, zegt Charles in vlekkeloos Nederlands. “Vooral ook om een band te krijgen met het land.”

Verliefd
Terug naar Zuid-Kameroen, waar Charles Eba’a in 1972 werd geboren in een gezin van tien kinderen. In een protestants dorp waar de familie van Charles een van de twee katholieke gezinnen was. “Voordat hij stierf had opa tegen mijn vader gezegd dat een van zijn kleinkinderen priester zal worden. Nou dat werd ik dus. Waarom? Tja, ik raakte gefascineerd door een missionaris uit Frankrijk. Ik werd misdienaar en wist al op jonge leeftijd, ‘dit wil ik ook’.”


Bisschop De Korte heeft per 1 juni 2021 als pastor van de H. Franciscusparochie Meierijstad pater Charles Eba’a benoemd. Deze uitbreiding van het pastoraal team van de parochie komt na het vertrek van pater Issag Jesudass naar Gemert. Pater Charles Eba’a (1972) is geboren in Zuid-Kameroen. Hij heeft zijn priesteropleiding gevolgd in Nigeria bij de Congregatie van de Heilige Geest (Spiritijnen). Bij aankomst in Nederland heeft hij tien jaar, waarvan acht als pastoor, gewerkt in Rotterdam. In 2015 volgende zijn benoeming in Heerenveen. Pater Charles is aangesteld voor een 50 procent functie.


Voor zijn priesteropleiding ging hij er een jaartje ‘uit’ en koos voor een gewone school. Om zeker te zijn van zijn keuze voor het seminarie. “Ik leefde dat jaar een heel ander leven, werd bijvoorbeeld ook verliefd, maar koos er uiteindelijk toch voor om voor het priesterschap te gaan. Heel bewust wilde ik een jaartje niets doen op religieus vlak, ook om dat leven af te kunnen sluiten en te weten dat ik de juiste keuze had gemaakt.”
Dan, lachend: “Hoewel, eerlijk gezegd ben ik nog steeds zoekende.”

Koffers kwijt
Als hij aan de begintijd in ons land denkt, verschijnt weer die karakteristieke lach op zijn gezicht. “Nou dat ging goed, koffers kwijt op Schiphol. Stond ik daar helemaal alleen zonder spullen in een vreemd land.”
Veel tijd om na te denken kreeg hij niet. Er was werk aan de winkel. In Rotterdam kreeg hij te maken met alle problemen van een grote stad. Drugs, prostitutie, criminaliteit. En discriminatie vanwege zijn huidskleur. “Opvallend genoeg vooral door jongeren. Daar schrok ik heel erg van.”
Met de autochtone oudere Rotterdamse gelovigen was er snel een band. Net als met al die andere nationaliteiten die er wonen. Charles ontwikkelde er vriendschappen voor het leven. Zoals hij later ook in Heerenveen en Veghel ook zou doen. Want het contact met mensen, daar draait het om in het leven, vindt pater Charles, die in Handel woont. “Dan ben ik op mijn best, als ik op huisbezoek ga of een uitvaart begeleid. Luisteren naar wat mensen willen vertellen.”
Daarbij begeeft hij zich ook buiten de gebaande paden. Op bezoek bij het jongerencentrum sprak hij een meisje aan dat een kruisje aan een hangertje droeg. “Kom je vaak in de kerk?’, vroeg hij haar. Het antwoord? ‘Nee veel te saai!’
En daar zit volgens pater Charles ook een van de problemen waar de kerk in Nederland mee kampt. “Het mag allemaal wel wat swingender, wat losser. In de kerk mag ook gelachen worden.”
“Of die kerk ooit weer voller zal zijn? Daar ben ik van overtuigd. Als het geloof terugkeert, raken de kerken weer vol. Heel veel mensen zijn op zoek naar hun roots. Daar kan de kerk een rol in spelen. Maar dan moeten wij ‘als kerk’ daar ook voor open staan. Ik zie in Veghel dat de parochie daar echt over nadenkt, over die toekomst met een andere rol van de kerk. Zoals de katholieke kerk als instituut ook open moet staan voor ontwikkelingen in de maatschappij”, zegt Charles.
Hoewel hij zelf niet voor Nederland als missiebestemming koos, is pater Charles inmiddels aan ons land gehecht geraakt. De vele vrienden die hij hier heeft beschouwt hij als familie. Wat de toekomst hem brengt en of die in Nederland zal zijn, weet hij niet. Zoals gezegd, is hij nog steeds een beetje zoekende. “Maar ik denk dat een leven in het klooster wel mijn toekomst zal zijn.”

Haring
Pater Charles is zelf een basketballer, maar voetbal is een grote passie. Zijn club? “Tja, eens een Feyenoorder, altijd een Feyenoorder he. Maar misschien heb ik ook nog een plekje over voor PSV”, grapt hij.
De politiek komt aan bod. Het verwondert hem dat er nu al zo lang geen nieuw kabinet is; “Dat vind ik zo raar.” En eten, is de pastor van de stamppotjes, drop en haring? Weer klinkt die lach: “Ik was dol op haring. Maar nadat ik er een keer vier achter elkaar opgegeten had, vind ik ze niet meer lekker. Sindsdien heb ik ruzie met de haring, haha.”

Meer berichten