IN GESPREK MET

Terry rijdt Europees autocross: ‘Ik heb bereikt wat ik wilde halen’

  •   keer gelezen

UDEN | Terry Callaghan uit Uden heeft een grote liefde voor autocross. Hij won al vele prijzen, maar is nog niet klaar. Komend weekend komt hij in actie op het Europees Kampioenschap Autocross in Toldijk.

door Henk Lunenburg

Terry is in 1967 in Londen Engeland geboren, maar groeide op in Ierland. Toen zijn vader naar Nederland vertrok voor werkzaamheden bleef Terry bij zijn oma in Ierland wonen. Op zijn 8e kwam hij naar Nederland. Daar maakte hij kennis de met de autosport. Wil je het autocrossavontuur van de Udenaar volgen? Dat kan via Facebook: Terry Callaghan Autocrossteam.

Hoe was jullie gezinssituatie?
“Op de Pier in Uden heeft mijn vader zijn tweede vrouw leren kennen. Na hun huwelijk zijn ze in Uden blijven wonen. Mijn vader was vaak vroeg naar zijn werk en pas laat weer thuis .Hij was een echte liefhebber van autocross en autospeedway. Hij is hier zelf ook jaren actief in geweest. Dus na het eten gingen hij en ik naar de garage om aan de motoren te sleutelen. Al op jonge leeftijd begon mijn vader met het bouwen van en experimenteren met motoren. Hij zei: “Als je in de toekomst wilt gaan rijden, dan moet je nu beginnen met sleutelen.” Vanaf mijn 12e mocht ik hem helpen in de garage. Na de basisschool De Springplank ging ik naar de LTS en volgde de opleidingen metaal- en autotechniek.”

Is autocross je enige hobby?
“Ik heb een seizoenkaart van Ajax waar ik vaak ga kijken en heb zelf tot mijn 40e met veel plezier gevoetbald bij FC Uden. Het was niet meer te combineren met de autocross. Mijn vader was lid van de Autocross Club Geffen, daar reed mijn vader wedstrijden en op 12-jarige leeftijd ging ik mee om hem te helpen. Daar werkten veel vrijwilligers, zoals de ouders van Anita. We zagen elkaar regelmatig. Ik was 20 toen de vonk tussen Anita en mij over sloeg. In 1990 zijn we getrouwd en in Uden blijven wonen. We hebben drie kinderen, Sean (27) woont in Uden en Beau (24) woont in Egmond. Onze oudste is helaas overleden.”

Waar ben je gaan werken?
“Na de opleiding op de LTS ben ik heel ander werk gaan doen. Ik werkte in de luchtbehandeling en daarna bij een ijzervlechtbedrijf. Later in 1999 ben ik met mijn vrouw Anita een eigen bedrijf begonnen. Dat was een combinatie van wat ik daarvoor had gedaan. We hadden een montagebedrijf in luchtbehandeling en ijzervlechten. 15 jaar geleden zijn we overgegaan naar het leveren en aanbrengen van kunststofvloeren. Negentig procent van onze werkzaamheden bestaat uit industriewerkzaamheden, dus industrievloeren aanleggen en repareren, en de rest zitten we in woningbouw. Anita doet de administratie en de afspraken. Ik bezoek klanten en we hebben drie man in dienst.”

Wanneer ben jezelf begonnen met autocross rijden?
“In 1987 reed ik mijn eerste wedstrijd in Geffen in de auto van mijn vader. Een jaar later ben ik deel gaan nemen aan competities. Eerst reed ik lokale wedstrijden, daarna Nederlands kampioenschappen, gevolgd door Benelux en Europa. De lokale wedstrijden reed ik in een tweeliter, twee wielen aangedreven auto. Bij de Nederlands kampioenschappen ben ik in 1993 derde geworden. Daarna stapte ik over naar de hoogste klasse, de Super Buggy. In die klasse rijd ik in een vierwiel aangedreven auto met een Ford Duratec 2,3 liter motor van Mike Callaghan motorsport met 741 PK. De keuze van cc in de motoren is vrij. Het moet wel binnen de FIA regels blijven. In 1997 werd ik Nederlands kampioen. Mijn eerste Europese wedstrijd reed ik in 1996 in Maggiora Italië. Daar lag het niveau veel hoger, andere banen en andere auto’s dan ik gewend was. De eerste wedstrijd die ik won in Europa was in Duitsland in 1997. Nadat ik in 2000 kampioen werd in de Benelux besloot ik om alleen nog Europees te gaan rijden. We nemen deel aan tien wedstrijden per jaar in heel Europa. Zo’n weekend begint op vrijdag met de keuring van de auto en kleding. Op zaterdag is de vrije training en twee keer kwalificatie. Deze uitslag bepaalt de startpositie op de eerste heat op zaterdag. Zondagmorgen volgt de tweede en derde heat. Na drie voorrondes blijven er twee semifinales over voor totaal twintig auto’s. De tien beste gaan over naar de A finale. Daar komt de winnaar uit en worden de punten voor het algemeen klassement verdiend. De concurrentie is zwaar. De meeste rijders zijn jong en snel. Zolang mijn vader en ik het nog leuk vinden en ons nog steeds kunnen kwalificeren voor de finale, blijven we het doen.”

Rij je vaak stukken?
“Dat kan verschillend zijn, je kunt een weekend rijden met weinig tot geen schade en soms rijd je schade na elke heat. Het is een harde sport met veel contactmomenten. Met tien auto’s in een serie gaat het er ruig aan toe. Zelfs na een weekend met weinig of geen schade blijft er veel te sleutelen voor de volgende wedstrijd. De meeste kosten zijn voor onszelf en we hebben sponsoren die het mogelijk maken te kunnen blijven rijden. Het prijzengeld wat verdiend kan worden zijn geen wereldbedragen. Hiermee kan een gedeelte van de kosten van zo’n weekend betaald worden.”

Hoe verplaatsen jullie je naar de wedstrijden?
“We hebben een touringcar omgebouwd. Daarin zit de werkplaats met de onderdelen en de buggy staat erin. In het voorste gedeelte is onze woon- en slaapruimte, compleet met douche en keuken.”

Wat zijn je mooiste en minst mooie momenten?
“Mijn mooiste momenten zijn wel in 1997 Nederlands kampioen worden en in het zelfde jaar mijn eerste EK overwinning. De minst mooie ervaring had ik in 2000 in Portugal. Tijdens een zware crash kwam ik tegen een betonnen muur tot stilstand en brak ik mijn rug. Ik kan het nog steeds voor mijn geest halen, ik voelde gelijk dat het goed mis was. Na 4 maanden revalideren reed ik weer met een korset aan, terwijl dat eigenlijk nog niet mocht.”

Wat was je doel om te bereiken in de autocross?
“Ik ben Europees gaan rijden omdat dat het hoogst haalbare is in autocross. Mijn doel was om ooit Europees kampioen te worden maar dat is niet gelukt. Maar ik heb wel negen EK overwinningen behaald en daar ben ik trots op. Misschien had er wel meer ingezeten maar dat heeft met heel veel factoren te maken zoals geluk, de middelen hebben, en zelf goed in je vel zitten. In 2010 heb ik een paar wedstrijden boven aangestaan in het Europees kampioenschap in mijn klasse. Daarna twee keer de finale niet gehaald en uiteindelijk vijfde geworden. Als ik terug kijk heb ik bereikt wat ik wilde behalen. En het kan nog steeds. 30 en 31 juli rijden we de eerste EK in Nederland sinds 1993, in Toldijk.”

Meer berichten