Logo kliknieuws.nl/uden
<p>Zuster Gr&eacute; Rood. (foto: Wim Roefs)</p>

Zuster Gré Rood. (foto: Wim Roefs)

Zusters Retraitehuis: ‘De lockdown bracht bij mensen veel verdriet’

  •   keer gelezen   Human Interest

UDEN | Naast Het Retraitehuis in Uden ligt het Arnoldusklooster, een appartementencomplex dat bewoond wordt door twintig Missiezusters Dienaressen van de Heilige Geest. De zusters verlenen mantelzorg aan de missiezusters die in Het Retraitehuis wonen. Toen Het Retraitehuis wegens de corona-uitbraak in het voorjaar voor mensen van buitenaf werd gesloten, werden de zusters afgesneden van hun medezusters. Dit had een grote impact. Zr. Gré Rood (86) en Zr. Ancilla Goltstein (83) vertellen.

door Marianne Peters

“In januari van dit jaar hadden wij in Het Retraitehuis te kampen gehad met het Sapovirus”, zegt Zr. Gré. “Dit virus was erg besmettelijk en dus waren wij al gewend aan de beschermende maatregelen die nodig waren om het virus te bestrijden. Er waren in Het Retraitehuis hierdoor voldoende beschermingsmiddelen zoals mondmaskers, handschoenen en schorten aanwezig. In die periode overleed onze medezuster Zr. Sophine, een van de zeven zusters die in Het Retraitehuis wonen. We waren drie dagen vrij van het virus, toen de corona lockdown volgde.”

Nog nooit meegemaakt
“Dat was onmenselijk”, vult Zr. Ancilla aan. ‘Wij zijn missiezusters die elkaar vaak al meer dan vijftig jaar kennen. Wij zijn gewend om als gemeenschap met elkaar te leven en voor elkaar te zorgen. Wij zijn als familie en zijn elkaars mantelzorgers. Nu we ineens niet meer bij onze medezusters mochten komen, was dat niet te bevatten. Wel tien keer per dag kom ik in Het Retraitehuis en help dan mee met eten geven, de was verzorgen, drie keer per dag meegaan naar de kapel, en vooral veel aandacht geven. Dat kon nu van het ene op het andere moment niet meer. We hadden er erg veel moeite mee. Zoiets hadden we nog nooit meegemaakt. Ik voelde paniek en angst. Niet voor mezelf, wel voor anderen. Wat zou het met de zusters en de andere bewoners doen aan wie dit niet goed was uit te leggen?” Zr.Gré: “De lockdown bracht veel verdriet, bij de bewoners van Het Retraitehuis, bij de verzorgenden en bij ons. Je voelde de pijn dat mensen niet meer bereikbaar waren. Dat mensen elkaar niet meer konden zien. We zochten naar mogelijkheden om contact te leggen. We keken inventief naar wat nog wel kon. We hadden telefonisch contact met de zusters wanneer dat mogelijk was. We maakten lekkere dingen klaar, schreven wenskaarten en brachten dat als pakketjes naar Het Retraitehuis. We moesten het bij de receptie brengen, waarna een verzorgende het voor ons ophaalde. Gelukkig konden we wel contact houden met de families van de zusters. Via het dossier CarenZorgt bleven wij goed op de hoogte en dit konden wij weer mededelen aan de families. Onze pastoraal medewerkster Ria Toonders mocht wel de zusters en bewoners bezoeken. Daar waren wij erg blij mee. Zij onderhield ook veel telefonische contacten met de bewoners.”

Een plekje geven
Zr. Ancilla: “We probeerden het allemaal een plekje te geven. Iedereen begreep dat de maatregelen nodig waren. Maar toen Zr. Monique en Zr. Bernardina ziek werden, zij hadden geen coronavirusbesmetting, was het heel erg moeilijk om te accepteren dat wij hen niet konden ondersteunen. Zr. Bernardina was 94 jaar. Ze was een lief mens met veel gevoel voor humor. Zij kende ons en wij kenden haar al decennialang. Wij hadden er veel behoefte aan om voor haar te zorgen, om er voor haar te zijn. Het heeft veel pijn gedaan dat dit niet mogelijk was. De verzorgenden hadden haar in een bed in de huiskamer voor het raam gezet. Zo konden wij haar van buitenaf zien. We wilden zo graag haar laatste momenten bij haar zijn. Wat mij betreft hadden zij mij bij haar mogen opsluiten. Dan had ik haar kunnen bijstaan. Nu overleed zij plotseling. En helemaal alleen… Het deed pijn. Veel pijn… Het hoort bij ons om het samen te doen. Dat wij nu het laatste stukje niet konden delen, was bijzonder wrang. Wij mochten na het overlijden nog altijd niet op de kamer. Ook mochten wij haar niet afleggen, zoals wij gewend zijn te doen met overleden medezusters. Nu kwam de begrafenisondernemer, gekleed in een soort maanmannetjes pak, die haar via de achterdeur meenam. Dit gun je geen mens. Van een afstand stonden wij rond de baar. Ook de verzorgenden sloten aan. Zij waren erg ontdaan door de situatie en leefden met ons mee. Dat bracht troost.”

Lentezon
Gré: ‘De afscheidsviering hebben we gehouden in de tuin van Het Retraitehuis bij de Mariagrot. De kist met bloemen stond in de lentezon bij het Mariabeeld en de zusters uit het Arnoldusklooster zaten er op afstand omheen. Verder weg in de tuin stonden de zusters en bewoners uit Het Retraitehuis. Pastoraal medewerkster Ria had een viering voorbereid. Het was een warme en waardevolle viering, die ons raakte. Via een livestream kon de familie, waaronder familieleden uit Nieuw-Zeeland, meekijken. Dat gaf veel steun. Voor iedereen was deze situatie nieuw. Niemand wist precies wat nu wel of niet gevaarlijk was, wat wel en niet kon. Het betekende voor iedereen dat we ons aan de regels moesten houden. Wij hebben geen verwijten, omdat iedereen het beste wilde. We hebben bewondering voor de inzet van de verzorgenden. Zij hielden alles onder controle, ondanks de drukte, de spanning en de zorgen. Zij hebben thuis ook gezinnen en stonden toch dag en nacht voor ons klaar. Ga daar maar eens aan staan.”

Niet meer op slot
“Nadat het huis weer geopend werd voor mensen van buitenaf, overleed Zr. Monique. Van haar hebben wij gelukkig goed afscheid kunnen nemen”, zegt Zr. Gré. Zr. Ancilla: “Er is veel geleerd van de coronacrisis. Nu we in de tweede golf zitten, zullen dingen anders aangepakt gaan worden. Er is ons gezegd dat Het Retraitehuis niet meer op slot zal gaan. Er zal sneller getest gaan worden. Verdriet en pijn verbindt positief. Als het zover weer zal komen, willen we dit samen kunnen dragen. En mocht een van de medezusters ziek worden, dan wil ik wel met haar op haar kamer in quarantaine gaan. Ik wens geen mens toe dat ze alleen moeten sterven.” Zr. Gré: “Het positieve aan de coronacrisis is dat de verbondenheid sterker is geworden. De verzorgenden van Laverhof steunden ons waar ze konden en hebben onze zusters erg goed verzorgd. Zij leefden intens mee. We wisten, en weten dat nog steeds, dat wij hier in goede handen zijn.”

Meer berichten