VERHAAL

‘Mooie man’

  •   keer gelezen   Human Interest

Hieronder lees je een verhaal uit de verhalenreeks geschreven door Annemarie van Boekel. Eens in de zoveel tijd plaatsen we haar verhalen op Kliknieuws.

“Het werken in de zorg geeft naast de werkdruk mooie ontmoetingen en verhalen met bijzondere mensen. De pastoor, wat een leuke spontane en niet op zijn mondje gevallen man. Humor, zijn overleving in het leven. Hij heeft veel gegeven en veel beleefd. Zo kwam ik op een warme zomerdag, onze ‘zweetuniformen’ moeten we dragen, op de afdeling aan. Hij had me al gespot. “Goedemorgen meneer pastoor.” “Hey goedemorgen Annemarie!” Hij begint te lachen: “Ik durf het haast niet te vragen, maar heb jij niets aan onder het uniform?” Ik begin te lachen. “Nou, dat u dat ziet? Jawel hoor, ik heb netjes een broek aan.” “Nou”, zegt hij en voelde aan de stof. “Hij heeft de kleur van blote benen. Ik dacht werkelijk op een afstand dat je niets aan had.” Duidelijk een echte man. Hardop lachend lopen we richting de eetzaal. Automatisch pak ik zijn arm om hem te begeleiden, zijn lopen was wat onstabiel. Aangekomen in de eetzaal moet hij eraan geloven en zijn verhaal vertellen. Het lachen van ons beide was de dames niet ontgaan. De kritische niet op hun mondje gevallen, alles beter wetende vrouwenbond, zijn mede tafelgenoten. “Zo zo… dat had ik niet verwacht van een pastoor”, roept een dame, waarop hijzelf zegt: “Ja, ik kan dan wel pastoor zijn, maar ben nog altijd een man hoor, en aan mijn ogen mankeer ik niets.”

Met regelmaat lezen we verhalen, zo ook mijn verhalen, voor. “Je schrijft leuk Annemarie.” Waarop ik vraag: mag ik hier een stukje over schrijven? “Jazeker, mijn zegen heb je.” Na het ontbijt begeleid ik hem naar zijn kamer en komen we in gesprek. Nog maar kort is hij bij ons komen wonen midden in coronatijd. Ik vraag aan hem hoe hij het ervaart om hier samen met meerdere mensen bij elkaar te wonen. Zijn gezondheid laat hem in de steek. Hij vertelt: “Ouder worden is een gegeven in het leven. Blij het te mogen worden, maar lastig is en blijft het. De gebreken die er komen. Ik heb een goed leven gehad, mooie dingen beleefd. Alleen voelt het erg lastig nu afhankelijk te zijn van de zorg. Mijn gezondheid is niet goed, zoals je weet, Annemarie. Aan mijn hoofd mankeer ik niets. Ik zou nog zoveel willen doen. Ons Nelly is er wel elke dag, ze regelt en zorgt goed voor mij al vele jaren, zo ook hier. Maar het leeft zo anders nu ik hier woon. Het is zo...” Hij kijkt naar zijn handen met gebogen hoofd. Het is even stil. “Ik zal het ermee moeten doen. Gelukkig heb ik drie broers en ondanks onze leeftijd komen we regelmatig bij elkaar.” Trots en dankbaarheid hiervoor is te lezen in zijn ogen. De glans die op dat moment in zijn ogen verschijnt is veelzeggend. Liefde. Hij vertelt verder over zijn werk en hoe zijn leven gevuld is met mooie herinneringen. “Ik heb een mooie leeftijd bereikt en daar moet ik ook dankbaar voor zijn. 

Op een dag trof ik twee van zijn broers. Ik klopte op de deur en liep binnen. De wijn op tafel. Nootjes erbij. “Wat een gezellige bedoeling hier zeg… Goedemorgen heren, broers van meneer? Ik hoef eigenlijk niet te vragen wie jullie zijn.” Ze lachen alle drie. “Maar weten jullie wel dat het nog geen 12.00 uur is? Voor die tijd mag je nog niet aan de alcohol.” Meneer pastoor: “Dat is ze...” Ik zeg: “Ojee, zit u over mij te roddelen dan?” “Ja, in positieve zin. Jullie zijn goed voor mij, en met jou kan ik altijd lachen. Dan kan ik er ook niets aan doen, dat er soms wat uitkomt wat misschien niet gepast is!” Hij vertelt het verhaal hierboven van de broek. De mannen lachen. Genieten samen en begrijpen elkaar zonder woord.

De vrouwenbond, echte vrouwen, kritisch en hoe ouder hoe gekker passend op deze groep vrouwen. Direct en geen blad voor de mond, maar meestal met ongezouten humor. Die momenten genoot hij enorm. Hoe schuin of hoe slap de de klets ook was. De korte tijd in ons huis waren met vele mooie momenten. Waar het ouder worden hem belemmerde en accepteren steeds lastiger werd, naarmate zijn fysieke gesteldheid terugliep. Gaf hij in ons laatste gesprek aan dankbaar te zijn voor de goede zorgen: “Annemarie ik hoef niet zo lang meer. Een paar weken nog dan is het op.” Hij kreeg gelijk...

Annemarie

Meer berichten