‘De orgelspelende monnik’ naar Uden

  •   keer gelezen   Kunst en cultuur
UDEN - Het museum voor Religieuze Kunst heeft recent een interessant werk van Johannes Bosboom kunnen verwerven. Het schilderij, afkomstig uit de kunsthandel, toont een orgelspelende en een zingende monnik uit 1871.

Dit motief heeft Bosboom opgedaan tijdens zijn reis door het oosten van Noord-Brabant, toen hij ondermeer het karmelietenklooster in Boxmeer en het franciscanenconvent in Megen bezocht. Het werk is behalve vanwege zijn motief ook interessant als aanvulling op de collectie. In het museum is al geruime tijd het pendant van de aanwinst aanwezig: een kapel met zingende nonnen. Beide werken zijn nu weer herenigd en worden getoond in het passende kloostermilieu van het museum.

[image=92228]

Toelichting
Het motief van de orgelspelende monnik vond Bosboom omstreeks 1850 toen hij verbleef in noordoost Noord-Brabant, de regio met de oudste monumentale kloosters van ons land. Het authentieke karakter van de architectuur en het monastieke leven inspireerde de schilder, vooral bekend om zijn kerkinterieurs. Binnen de muren van de kloosters schilderde en aquarelleerde hij kloosterkeukens, pandgangen en trappenhuizen.
Voor Bosboom was het oproepen van licht, van sfeer, belangrijker dan het streven naar een exacte weergave van het onderwerp. Dit komt naar voren in de uitwerking van het motief van ‘de orgelspelende monnik’. De laatste versie uit 1881 is impressionistisch, terwijl de eerste versie uit 1850 tot de romantische school gerekend wordt. Een variant uit 1871, de recente aanwinst, kan beschouwd worden als een sleutelwerk. In dit schilderij onderzoekt Bosboom het spel tussen licht en donker. Deze queeste kostte hem de nodige hoofdbrekends, Bosboom begon er in 1867 aan, maar slaagde er niet in om het werk voor 1871 voltooid te krijgen. Toen zijn vrouw, de bekende schrijfster Geertruida Bosboom-Toussaint, bemerkte dat de schilder wéér met het thema worstelde en in een depressie belandde, schreef zij in een brief aan Potgieter: Ik houd voor zeker, dat hij beter zal zijn als die leelijke nonnen en monniken maar weer uit ons huis zijn".
Vervloekte mevrouw Bosboom deze werken, en hield zij hen verantwoordelijk voor de neerslachtigheid van haar man, voor het museum betekenen zij, het verguisde onderwerp met monniken en nonnen, een waardevol ensemble met een hoge documentaire en iconologische waarde.

[image=92229]
Meer berichten